Daikin Blue Stories: klaar voor de uitdagingen van de toekomst
Daikin Blue Stories: klaar voor de uitdagingen van de toekomst
Eind vorig jaar organiseerde Daikin in Ittre het seminarie Daikin Blue Stories. Voor ongeveer 300 architecten, adviseurs en installateurs werd een boeiend overzicht gegeven van Europese en gewestelijke wetgeving, de marktveranderingen, nieuwe behoeften en de product- en serviceoplossingen die Daikin ontwikkelt om hierop een antwoord te bieden.
In oktober vorig jaar bereikten 197 landen in Kigali een akkoord over het terugdringen van het gebruik van HFK’s. Dit akkoord vloeit voort uit het klimaatbesluit dat in 2015 in Parijs werd ondertekend. Opvallend in het nieuwe verdrag is dat de tijdlijn geografisch varieert. In de ‘rijke landen’ (VS, Europa) moet in 2019 de uitstoot van CO2-equivalent door HFK’s zijn afgenomen met 10%. De meeste ontwikkelingslanden – inbegrepen China – kunnen met hun reductieprogramma wachten tot 2024. Andere landen zoals Iran, Irak, India, Pakistan en de Golfstaten krijgen zelfs nog meer respijt (2028). Gehoopt wordt dat dankzij al deze maatregelen de wereldwijde uitstoot van CO2-equivalent door HFK’s tegen 2036 met 85% afneemt.
“Dit verdrag betekent dat we met z’n allen voor heel wat ecologische uitdagingen staan, maar Daikin zet er graag zijn schouders onder om de ambitieuze doelstellingen te halen”, klinkt Roderik Desiere, managing director bij Daikin Belgium. “Grote technologische uitdagingen zijn onvermijdelijk, want met hier en daar een beetje te sleutelen, zullen we er niet raken. Meer dan ooit moeten we ons concentreren op de toekomst, zonder het heden uit het oog te verliezen. Vandaag inzetten op morgen.”
RESCERT
Aan de Europese richtlijn RESCERT (Renewable Energy Systems Certification) is nog niet veel ruchtbaarheid gegeven, hoewel het een handig instrument is om het kaf van het koren te scheiden. Het is immers al tot vervelens toe herhaald: het meest energie-efficiënte, duurzame toestel geplaatst door een incompetente gelukszoeker is tegelijk een schande voor het milieu, voor de eindgebruiker én voor de installatiemarkt, terwijl professionele vakmensen zich uitsloven om de beloofde energiebesparingen te behalen zonder dat er wordt ingeboet op comfort en prestaties.
RESCERT biedt de eindgebruiker de kwaliteitsgarantie dat de houder van het certificaat over de vereiste competenties beschikt om systemen met hernieuwbare energie te plaatsen. Vermits het een Europese richtlijn betreft, wordt het certificaat aanvaard in de andere EU-lidstaten – een meerwaarde voor de installatiebedrijven uit de grensstreek. Het kan ook gevraagd worden aan een buitenlandse installateur die in ons land meedingt naar een project. In een eerste fase is RESCERT vrijblijvend, maar vanaf volgend jaar zal het in Vlaanderen als voorwaarde gelden om in aanmerking te komen voor renovatiepremies. In ons land hebben Het Vlaamse Gewest, het Waalse Gewest en het Brusselse Hoofdstedelijke Gewest een geharmoniseerd systeem opgezet voor opleiding en certificering.
Er bestaan zes categorieën van certificatie: fotovoltaïsche installaties, thermische zonne-energiesystemen voor de productie van sanitair warm water, thermische zonne-energiesystemen voor sanitair warm water én verwarming, biomassaketels, warmtepompen (uitgezonderd ondiepe geothermische systemen) en ondiepe geothermische systemen. Daikin is momenteel in onderhandeling met verschillende erkende opleidingscentra om een actieve rol te mogen spelen bij de RESCERT-opleidingen.
Geen woorden maar daden
Met tal van aanpassingen in productgroepen of compleet nieuwe toestellen is Daikin zich aan het wapenen voor de grote uitdagingen van de komende jaren: namelijk minder energieverbruik, en meer rendement en respect voor het milieu. Alle nieuwe ontwikkelingen opsommen, is onbegonnen werk. We vermelden dat er een aanpassing komt in de Daikin Altherma-reeks, met een model zonder elektrisch verwarmingselement in het cv-circuit, wat zorgt voor een vermindering met 5 E-punten. Het koelmiddel R32 met een laag GWP wordt ook steeds meer toegepast in het splitgamma en in de Sky Air-range.
Binnen het Daikin AHU-portfolio vormen de luchtgroepen D-AHU Hygienic een nieuwe productgroep. Deze toestellen kunnen worden gebruikt voor luchtbehandeling in ziekenhuizen of in cleanrooms in de farmaceutische sector of de voedingsindustrie. Kortom, op alle plaatsen met strenge eisen voor hygiëne en reinigbaarheid. Daikin heeft hier oplossingen ontwikkeld volgens de standaarden DIN 1946-part 4 en VDI 6022. Bijzondere eigenschappen van de D-AHU Hygienic zijn onder meer het eenvoudige nazicht en onderhoud, dankzij de vlakke binnenzijde, eenvoudig verwijderbare componenten en het gebruik van slijtvaste componenten voor de inwendige onderdelen.
“Hierbij hoort ook nog een specifieke hygiënekit”, vertelt Jacques Ectors, productmanager Applied Systems. “Het antibacteriële en schimmeldodende product bevat noch allergene noch gevaarlijke componenten. Dit maakt het plaatje compleet, samen met de hygiënische omkasting en de hoog efficiënte filters tot klasse H13, wat een absolute filtering van de toevoerlucht betekent.”
“De investeringskosten voor een toestel maken uiteindelijk maar 30% van de TCO uit.”
Total cost of ownership
Ten slotte nog een woordje over de total cost of ownership (TCO). “De investeringskosten voor een toestel maken uiteindelijk maar 30% van de TCO uit”, aldus Lieven Verstaen, productmanager Air/Air Heat Pump. “Grosso modo mag je stellen dat de andere 70% worden gevormd door het energieverbruik (50%), het onderhoud (10%) en de herstellingen (10%). Het enige bedrag dat hier onveranderd blijft, is de aankoop. Door de ontwerpparameters van de installatie niet aan te passen aan het werkelijke gebruik, vermindert het rendement. Slecht onderhoud kan tot stilstand en dus productieverlies leiden of erger nog, de levensduur verkorten.”
“De oplossing is eenvoudig, maar van groot belang: zorg voor een performante monitoring van het systeem voor optimalisatie en aanpassing aan de veranderende noden en vergeet zeker het preventieve onderhoud niet, noodzakelijk om te anticiperen op defecten en om een suboptimale werking te vermijden”, besluit Lieven Verstaen.
Door Rudy Gunst


